Dit was een gezamenlijk schrijfspel. Lees het resulterende verhaal hieronder.

Magda Vlekveld

Kunsthistorica gespecialiseerd in Mondriaan

Magda Vlekveld (MfA), rond de vijftig, een kunsthistorica die als specialist geldt op het gebied van de abstracte schilderkunst van de eerste vijftig jaar van de 20e eeuw en het werk van Mondriaan in het bijzonder. Zij komt met de opzienbarende en controversiële onthulling dat er een vroege versie van de victory Boogie Woogie bestaat. Als Chen met zijn Chinese variant opduikt is zij de eerste die benaderd wordt om Chens claim te beoordelen.

Magda Vlekveld

Bijdragen over Magda Vlekveld

Plastic meisjesringen

8,5

Het nieuwe leven

Ik sta achter in de zaal te wachten tot ik naar het spreekgestoelte mag lopen dat voor een overvolle aula op mij staat te wachten. Ik loop nog even de hoofdpunten van mijn inaugurele rede door. First Part. Mondrians Multimodal Discourse, het moet natuurlijk in het Engels, maar De Gids publiceert de Nederlandse versie. De twee modi van Mondriaans abstracte design: kleur enerzijds, anderzijds de zwarte lijn. Twintig jaar combineerde hij ze tot telkens nieuwe tegendelige eenheden van tweevormige, god wat was het ook weer? Ik frummel aan mijn mapje met de ondergekalkte laatste uitdraai van mijn rede, maar vind niets. Ik strek mijn rug tussen hemel en aarde en adem diep. De verhouding van stand?
Deel Twee. Mondrian's Proposition. Stel je de wereld voor, de hele wereld, maar dan in een plat vlak waarop alleen vierzijdige vlakken en 1 à 2 centimeter brede zwarte lijnen kunnen verschijnen, wat krijg je dan? In de eerste veertig jaar van zijn kunstenaarschap deconstrueert hij de natuur tot hij uiteindelijk vlakjes en lijnen overhield, maar vanaf midden jaren '20 bouwt hij er een nieuwe wereld mee op. The New Art - The New Life.
De belofte is niet gering, maar het resultaat wordt op den duur een gevangenis. Dan de inbreuk van de Tweede Wereldoorlog. Via Trafalgar Square, nu op zolder in het Rijks te zien, en de New Yorkse Boogie Woogies, hybridiseren vlak, lijn en kleur in de Victory Boogie Woogie en ontstaat, hoera daar is het weer, 'evenwichtige verhouding van tegendelige tweeheid'.
Derde en laatste deel. Mondrian's Victory. In New York ontdekt Mondriaan Scotch tape: een ideale methode om zijn twee modes van kleur en lijn te versmelten. Op de Victory bouwt hij zijn lijnen op met kleurvlakjes in zijn signature colors en ontstaat een werveling die een derde modus voort brengt, een third space, een mode of sympathy die ook een mode of solidarity is. Eigentijdse semiotiek, laat ze zich maar achter de oren krabben.
Help, ik moet op. Buik in en bekken kantelen, voorwaarts schreiden. Ja, vader, u ook veel sterkte gewenst. Ik voel ogen langs mij strijken maar herken geen collega's of intimi. Een licht flitst, verhip wat ligt daar, een slang? Oh, een elektriciteitskabel of zo. Goddank, het spreekstoelte heeft een verhoogde bodem.
Ik knik met mijn hoofd en het gezelschap gaat rumoerig zitten. Zonder te beseffen wat er van mijn lippen stroomt - maar de toon en the melody of meaning ervan stuwen me verder - spreek ik vriend en vijand toe, belangstellende en reporter, buddie en blogger. Ik kijk niet één keer mijn aantekeningen in, sla nooit een bladzij om. Alsof ik een conference geef. Die toga past mij wel.
Ik voel hoe ik steeds meer begin te stralen, maar ik ben niet te vrolijk of frivool want kort voor het slot sta ik stil bij mijn beminde en gevreesde voorganger, professor Botering, Albert voor de vrienden. In het harnas gestorven voor wat hij de enig juiste zaak geloofde te zijn. Een slachtoffer in de eeuwigdurende strijd om de kunst. Ik zal zijn voorbeeld altijd voor ogen houden. Letterlijk, tegenover het bureau op mijn nieuwe werkkamer hangt een portret met zijn markante trekken. Als ik zit te schrijven voel ik de blik van mijn meester door het computerscherm boren.
Wat beweer je nu weer, Magda, hoor ik hem vragen.
Ik beweer, lieve Albert, dat Piet Mondriaan zijn laatste schilderij bewust onvoltooid heeft gemaakt in die drie historische dagen voor zijn dood in een ziekenhuisbed in Brooklyn, New York. In zijn verhandelingen in De Stijl en de latere pamfletten roept hij meermalen op tot vernietiging van het bekende, zodat het nieuwe kan ontstaan. Maar ditmaal, deze laatste keer, paste hij zijn leer toe op zijn eigen schilderij. Hij vernietigde de perfectie en de volstrektheid ervan, het totalitaire aspect van de Nieuwe Beelding, en hij deed dat voor ons. Hij ontdekte een manier om ons creatieve potentieel te ontsluiten. En dat doet het, nog steeds. 'Voor de toekomstige mens,' weet je nog? Dat zijn wij. Piet Mondriaan schilderde voor ons.
En wat is ons antwoord? Wat geven wij terug?

Arjen

4 jaren, 5 maanden geleden

Meesterwerk

4,5

Magda's laatste bezoek aan de VBW

Magda staat voor de Victory Boogie Woogie in het Gemeentemuseum te Den Haag. Het schilderij hangt in een smal zijzaaltje van een vleugel met een deeltentoonstelling over De Stijl, niet op zijn vertrouwde plek in de grote witte zaal aan het eind van elke hoofdtentoonstelling, als hoogtepunt en afsluiting van de twintigste-eeuwse, modernistische kunst. Brutaal liet het Gemeentemuseum bij elk retrospectief van Cézanne of Lucian Freud of wie ook weten: allemaal mooi hoor, die anderen, maar wij hebben dit. De enige echte. Het meesterwerk van de moderne kunst dat onze aan meesterwerken zo rijke tijd in zich verenigt en overstijgt. De VBC is tot in elk detail, vlakje, streekje, verkleurinkje, volkomen modern. En tegelijk volkomen democratisch. Er zijn geen overheersende zwarte lijnen meer, alleen nog gelijkwaardige kleurvlakjes. Mondriaan was diep gelukkig als hij aan het doek werkte. Victory! En ook: Boogie-woogie. Nergens een melodie te bespeuren, maar het swingt als een tiet. Elk streekje, elk plakbandje op het doek is geleefde ervaring, leeft nog in het nu. Geen enkel vlakje staat op zich, is in zichzelf besloten, want elk bouwsteentje houdt het geheel onder spanning.
Magda's kijk op de Victory Boogie Woogie is kunsthistorisch gekleurd. Ze ziet het schilderij als de uitkomst van een lang en complex artistiek en sociaal proces. Eerst is er Mondriaans ontwikkeling van symbolisme naar abstractie, en hoe hij zich doek na doek de kennis eigen maakt van hoe je de relaties tussen kleurvlakken en zwarte lijnen onder spanning houdt. Anderzijds is Mondriaans ontwikkeling zelf weer de uitkomst van de debatten binnen de Europese avantgarde in de eerste helft van de twintigste eeuw. Mondriaan kende de meeste andere modernistische kunstenaars van zijn tijd persoonlijk, ging als gelijke met hen om. En wat eisten de modernisten niet! Wat moest er niet allemaal worden afgebroken en van de grond af opnieuw opgebouwd. Als Magda de pamfletten van Theo van Doesburg leest en oude nummers van De Stijl doorbladert wordt het haar koud om het hart. Waarom moet heel de oude rijkdom van de kromme lijnen vernietigd en vervangen door een strakke, rechthoekige aanpak? Nog voor er een sociaal of economisch argument voor bedacht is, hebben de avantgardisten al de schoonheid en fysieke kracht getest van wat inmiddels Standard Architecture heet en het leven in onze steden tot op de dag van vandaag bepaalt, ja overheerst. Als Does in Nederland aan de macht was gekomen, hadden we stalinisme gehad. Nu hebben we buitenwijken vol lelijke gebouwen.
Bij de verdediging van haar proefschrift was het tot een onaangename confrontatie gekomen met prof. Botering, die haar hineininterpretieren en verharmlosung verweet. Het is toch zo klaar als een klontje voor ieder mens met enige kennis van zaken dat de VBW de overwinning van het nihilisme viert, de vereenzaming van het individu in de grootstedelijke massa! Hij spuugde de woorden uit, tot schrik van zijn collega's en de aanwezige studenten en kennissen. Ik dank mijn opponent voor zijn collegiale kritiek, en heb daarop het volgende te zeggen, had Magda geantwoord. De VWB is het enige onvoltooide schilderij dat Mondriaan heeft nagelaten. Hij verklaarde het midden januari 1944 voltooid tegen zijn vriend Harry Holtzman, maar in de drie dagen voor zijn dood beplakte hij het opnieuw met tape en schilderde vlakjes vluchtig over. Het doek is nadrukkelijk bedoeld om onvoltooid te blijven, vergelijkbaar met Duchamps Grote Glas. Mondriaan overwon het nihilisme en de totalitaire tendens van het modernisme à la Doesburg door het onvoltooide en onvolmaakte in zijn werk toe te laten. Dat is Mondriaans laatste les. De macht ligt niet bij een absolute God of andere Ultieme Designer (zoals Doesburg eiste), maar bij de mensen in hun relaties met elkaar. Magda keek Botering stralend aan. De Victory Boogie Woogie is geen autonoom, maar een interactief kunstwerk! Hora est!

Zoals het schilderij daar voor haar hangt, veel te laag voor haar gevoel, benauwd en tegelijk even sterk als altijd, straalt het onverminderd het elan uit van het moderne levensgevoel. Het wervelt en staat stil, het is vloeibaar maar het stroomt niet. Heel anders dan de paar doeken uit de jaren dertig om de hoek in een ander zaaltje. Magda gaat ze nog even bekijken. In de roosters van zwarte lijnen die Mondriaans doeken in die moeilijke jaren overwoekeren, zit een steeds kleiner vlakje blauw of rood verscholen ergens in een hoekje. Maar als je daarop je blik concentreert, val je voorover en verdwijn je in het doek. Je voelt je in een ruimte achter het schildervlak worden gezogen waarin alles één kleur heeft, puur blauw is of rood of geel. Er straalt een diepe rust uit Mondriaans composities, maar ze staan stevig onder spanning. Ze danken hun energie aan de vernietiging van telkens weer een bouwsteen van het beeld. Het kan altijd met minder, dat was Mondriaans adagium geweest in de twintig jaar dat hij abstracte schilderijen maakte. Wat is dat “het” precies, denkt Magda. Waar gaat het Mondriaan om? En ze ervaart weer wat ze elke keer voelt als ze voor een late Mondriaan staat. Ingang tot de totale abstractie. Wederopbouw door verwoestiging. Topgeluk. Een zuiver geestelijke ervaring, absoluut want door geen tekortkoming aangetast.
Magda's proefschrift heette Mondriaans Volstrekte, naar de uitspraak van diens huisfilosoof Schoenmaekers; 'Wij noemen volstrekt, wat het graadverschil van “meer of minder” uitsluit.' Ze analyseert in haar boek de verschuivende betekenis van typische Mondriaan-begrippen als: objectieve ziening, evenwichtige verhouding van tegendelige tweeheid, voortdurende opheffing van 't een en 't andere. Met zijn bloemrijke begrippenapparaat kan Mondriaan heel precies de verschillende kanten aanduiden van wat er op het spel staat in zijn kunst, en in de moderne maatschappij waarvan hij één van de aanstichters en hoofdvertegenwoordigers is. Zijn streven is, ondanks krijgshaftige taal over vernietiging, door en door positief, gericht op een betere wereld, een hemel op aarde die tegelijk de structuur van het dagelijks leven heeft. Abstractie is de moderne, de bij uitstek twintigste-eeuwse vorm van religiositeit. Het Volstrekte is als het goddelijk licht in Dante’s hoogste hemel.

Magda staat op de gang te kijken naar de digitale Victory Boogie Woogies die het Gemeentemuseum heeft laten maken door jonge programmeurs. Wie schrijft het mooiste algoritme? Wat een armoe vergeleken met die daar aan de wand, denkt Magda. Het geheim van de VBW is dat de lijnen en kleuren nu juist niet gehoorzamen aan een algoritme of andere set van regels. Hier heerst volkomen vrijheid, in een wirwar van ordeningen – lijnen, damborden, driehoeken, vijfhoeken – is dat groen daar in die punten boven en onder? Magda loopt weer naar de enige echte Victory Boogie Woogie. Ze loopt nog een keer de bekende feiten na. Mondriaan maakt in 1941 een eerste opzet, in '42 een eerste versie, een jaar later de tweede en dan rond de jaarswisseling 1943-1944 volgt er een hele reeks versies. Bezoekers vermelden in brieven en dagboeken dat ze versteld staan hoe snel het grote doek verandert. Midden januari 1944 verklaart Mondriaan dat het doek is voltooid. Maar in de laatste dagen voor zijn dood bevangt hem toch weer een onrust en werkt hij er als bezeten aan, plakt het weer vol… De historische documentaire in Magda’s innerlijke bioscoop loopt vast als ze een stukje zwart tape op het schilderij ontdekt, vlak voor haar neus. Mondriaan heeft het zwarte strookje over een geel vlakje heengeplakt. Daar iets boven heeft hij er een op een rood vlakje gedrukt. Zwart tape over kleur.
Magda speurt de stroken met kleurvlakjes af. 'Ach, Piet,' mompelt ze als ze begint te begrijpen wat Mondriaan in die laatste dagen stond te doen, puffend en hijgend met de dood op zijn hielen. Wat Mondriaan in zijn stervensuur deed was het zwart terugbrengen in het feest van de kleuren in wat zijn laatste statement aan de wereld zou zijn. Ook zwart is een kleur, net zoals een lijn ook een vlak is. Volstrekte gelijkwaardigheid van tegendelige tweeheid. Boogiewoogie is zwarte jazz. Join the party. Ook Mondriaans laatste zet was volstrekt positief, overwinning op een tekortkoming, zijn uitsluiting namelijk van het zwart uit de voltooide versie van midden januari 1944. De dood danst mee in de rij. Misschien had Piet nog wel veel meer zwart willen aanbrengen, werd hij steeds somberder. Hij voelt zijn dood naderen en laat het zwart van de dood de orde in zijn volstrekte, fris gekleurde schilderij ontregelen zodat er weer ruimte voor ontwikkeling ontstaat. Wanneer bedacht hij de titel?
Het leven is nooit af. Kijk maar.
Ach, Piet.
Ze heeft de boodschap luid en duidelijk ontvangen. Mondriaan zei alles wat er te zeggen viel in de twintigste eeuw in dit ene doek. Als er ooit onverhoopt een eerdere, volmaaktere versie van de Victory Boogie Woogie zou opduiken, bedenkt Magda grinnikend, dan zou die vernietigd moeten worden. Zelfs als hij echt zou zijn.

Arjen

4 jaren, 5 maanden geleden

De fabriek

2,1

Magda's machtsgreep

Maar in plaats van een taxi te bellen draaide Magda Vlekveld een Amerikaans nummer, 00.1.540.428.3140. In heldere bewoordingen bracht ze de Mondrian Trust op de hoogte van de laatste ontwikkelingen: de ontdekking en mogelijke aankoop door gerenommeerde musea van een reeks valse Victory Boogie Woogies in Amsterdam. Door haar goede contacten met de Trust als gevolg van haar ontdekking van de originele eerste schets van de VBW uit de nalatenschap van Charmion von Wiegand, nam men haar adviezen zeer serieus. De Trust zou onmiddellijk contact opnemen met de Amerikaanse ambassade in Amsterdam en die zouden er geen gras over laten groeien. Het was duidelijk dat haast geboden was: 2014 is het 70ste sterfjaar van Mondriaan en dan vervallen alle rechten.
Toen Magda de hoorn neerlegde schatte ze in dat ze hooguit een dag, vermoedelijk slechts een paar uur zou hebben om haar eigen plan uit te voeren. Nu belde ze wel naar de taxicentrale en in no time arriveerde een glimmend zwarte mercedes-busje. Magda gaf het adres van Godfried aan de kade op, maar toen ze met gierende banden de laatste bocht om scheurden, zag ze dat het een drukte van belang was bij de Elefteria. Het leek of de wagen in vertraging verder reed opeens, zodat Magda in alle rust en afstandelijkheid overzicht kon krijgen over de situatie. Er stonden meerdere mannen en een paar vrouwen tegen elkaar te schreeuwen en te zwaaien en, mijn hemel, wat doet die ouwe sul van een Bertus Botering daar, dacht Magda opeens, wat staat hij daar met zijn lichaam over die kist gebogen als verdedigde hij een schat. Dat moest de kleine VBW zijn, die was opgehaald uit het Rijksmuseum. En wat was dat voor chique Chinese heer die daar met Chen en Lin en, ook dat nog, dat kleine vrouwtje van Chen stond te delibereren, terwijl er een zo te zien Nederlandse heer met opgeheven vinger naar hen stond te zwaaien - dat moest een advocaat zijn, ze ruikte dat volk als het ware. Er hipte een tenger meisje om heen, niet die malle journaliste met haar carrièredrang, o wacht, die was er ook al, ze stond op de boot met de kapitein te praten en liep nu achter hem aan de stuurhut in. Wie was die andere tengere vrouw dan, die daar driftig in haar mobiel stond te brullen?
Doorrijden, zei Magda tegen de taxichauffeur, die loods daar, met die opengeschoven deuren, daar moeten we zijn. Zonder op of om te kijken holde ze de taxi uit - 'wacht hier!' - en rende bij Godfried naar binnen. Ehm, wat was dit? Wat ontvouwde zich voor machtig schouwspel aan haar verbaasde blikken. Ze hoorde haar naam roepen.
'Godfried,' riep ze terug, 'kom onmiddellijk mee. Nu komt het op jouw handigheid aan. Ze staan daar bij de Elefteria de beide Victory Boogie Woogies te verhandelen, en jij moet zorgen dat de ene nooit de boot op en de andere zo snel mogelijk de boot af komt.'
'Godsklere,' brulde de kunstenaar. 'Daar gaat mijn meesterwerk.' Hij greep een koevoet van een werktafel vol gereedschap en holde achter Magda aan. 'Lekkere kont heb je in dit mantelpakje, Mag,' kon hij het niet nalaten te brullen.
'Hup man,' antwoordde zij. 'Bewijs eerst maar eens wat je echt waard bent.'
Ze bleef bij de poort van de loods staan terwijl Godfried in zijn bespatte overall de kade opholde naar de mensenmassa waarin, constateerde Magda Vlekveld met een koele blik waar ze zelf ook over verbaasd was, de oude professor Albertus Botering in een tergend traag tempo in elkaar zakte en met kist en al op de betonnen platen kletterde. Ze zag hoe Godfried om de meute heen bewoog en pijlsnel over de loopplank de Elefteria op holde, waar de journaliste - Puistjes, was dat haar naam? Joy Puistjes? - net vanuit de stuurhut het dek op kwam lopen en door haar held zo hard opzij werd geduwd dat ze in een prachtige serpentine line een Hogarth waardig over de reling vloog richtinng groezelig havenwater. De plons bracht de kapitein de open lucht in, compleet met reddingboei en touw.
Maar haar Godfried, waar was die opeens gebleven? Zou hij op tijd terug zijn met de grote kist? Magda liep naar de nog wachtende taxi.
'We gaan zo heel langzaam naar dat groepje mensen daar. Zodra ik een teken geef rijd u achteruit naar de treeplank van de boot, daar aan de rechterkant. U doet de achterdeuren open. Mijn compagnon komt zo met een kist van het schip al en zal die in de wagen schuiven. Zodra hij de deuren heeft gesloten, geeft u gas en rijd zo snel u kunt de kade af naar het adres dat ik u zo zal geven. Ben ik duidelijk?'
'Mij best,' zei de chauffeur, 'maar ik heb sterk de indruk dat u iets illegaals van me vraagt. Dat is, eh, dubbel tarief?'
'Nu,' riep Magda. 'Daar is ie al. Rijden!'

Arjen

4 jaren, 5 maanden geleden

Meesterwerk

2,6

From A to B, and back again

- Hallo, Magda, ben jij het?
- Ja Bart, je hebt het juiste nummer gedraaid.
- Ik dacht, ik bel even, ik heb je email niet, en ik weet ook niet of jij…
- Natuurlijk heb ik email, Bart. Kom ter zake alsjeblieft.
- Ik bel namens het Stedelijk Museum. Ik heb goed en slecht nieuws voor je.
- Eerst het goede?
- Houd je vast. Na een eerste en tweede en in veel gevallen afdoende inspectie van wat we hier de VWB3 zijn gaan noemen, ik bedoel jouw Victory Boogie Woogie, enfin, het lab is tot de voorlopige conclusie gekomen dat hij echt is. Althans, er zijn geen tekenen gevonden die wijzen op een vervalsing. Doek, verf, penseelvoering, daar hoef ik jou niets over wijs te maken, het klopt allemaal.
- Mooi. Ik ging er vanuit, maar ik moet eerlijk bekennen dat het ook een pak van mijn hart is. In de huidige kunsthandel…
- Zeker, maar wacht even, dit is niet het hele verhaal. We hebben Ann direct op de hoogte gebracht. Zij had er al contact over gehad met Wim.
- Wim Pijbes, hoofddirecteur van het Rijksmuseum? Wat heeft hij ermee te maken?
- Hij was bij haar op bezoek voor overleg. Ze zijn direct hier op het depot komen kijken, in gezelschap van Lianne Verstraaten namens de Gemeente Amsterdam, en ze zaten al snel op één lijn.
- Lijn?
- Wim heeft zijn versie, de VBW2, op zijn laboratorium laten onderzoeken, en het goede nieuws is…
- Wacht even, Bart. Je hebt het nu over die kleinere versie die die Chinese dame aan de man brengt via louche zakenlieden en…
- Precies, waar Botering zich achter heeft geschaard. Luister, ze hebben het doek op het Rijks al even aandachtig onderzocht als wij, röntgen, UV, de hele bliksemse bende, en nu is het goede nieuws…
- Dat die vals is, neem ik aan?
- Nee, het mooie is, die is ook echt. En hij is lang niet zo slecht als jij beweert.
- Dus wat je me nu wilt wijsmaken is dat Piet Mondriaan in '41 eerst schetsen maakte, waarvan ik de Charmion van Wieland-versie in mijn bezit heb die ik overweeg aan het Stedelijk te schenken. In '42 of daaromtrent maakte hij een kleinere uitvoering op doek en gaf die weg aan een Chinese boogiewoogie spelende vriend? En begin '43 schilderde hij in een hoogst geïnspireerde maand de grotere versie op ruw doek die nu bij jou op depot ligt omdat Mondriaan die indertijd opnieuw weggaf aan zijn Chinese vriend? En in november '43 begint hij dan eindelijk aan de versie die nu als definitief onvoltooid bekend staat en waarover ze zo aan het krakelen zijn in het Gemeentemuseum?
- De historische details ken ik natuurlijk niet. Maar er schijnen in het brievenmateriaal van Mondriaan dat nog in de kluizen van het Gemeentelijk ligt aanwijzingen te zitten die op een dergelijke gang van zaken…
- Bart, jongen, wat was nu de belangrijkste les die ik je heb mogen leren tijdens mijn cursus 'Echt en vals in de twintigste-eeuwse kunst'?
- Dat als iets te mooi is om waar te zijn, het meestal inderdaad niet waar is? En vaak ook niet mooi?
- Summa cum laude. Dus je zit nu met het probleem van een goede echte Victory en een slechte echte? Wat hebben Ann en Wim bedisselt, als ik vragen mag.
- Het rare is, Magda, dat dat inmiddels ook alweer achterhaald is. De situatie is een beetje onoverzichtelijk geworden. Het goede nieuws is dat we nog geen Victory Boogie Woogie hebben hoeven afwijzen op grond van technische kenmerken. Het slechte nieuws is dat jouw vriend Chen het doek hier bij ons op depot is komen ophalen, in het gezelschap van een zekere mijnheer Li. Ze kwamen in een enorme slee voorrijden, en daar ging ons meesterwerk. We hadden geen enkele mogelijkheid ze tegen te houden. Chen is rechtmatig eigenaar immers. Wist hij van jou dat het schilderij hier was?
- Ophalen, je bedoelt dat ze het doek hebben meegenomen? Ik heb Chen in geen weken gezien of gesproken. Wat weet Godfried hiervan?
- Ja, en de grap is dat hetzelfde is gebeurd bij het Rijks. Ook weg, opgehaald door die Chinese dame die op tv was, met die vrolijke naam, Fijn Fijn.
- Dus de beide versies zijn echt, maar spoorloos verdwenen? En de derde versie in het Gemeentemuseum wordt aan China verkocht?
- Nee, dat is een misverstand bij de bezetters, ze hebben de klok horen luiden maar weten niet waar de klepel hangt. Ze weten dat dat er een Victory Boogie Woogie naar China verkocht wordt en denken dat het om die in het Gemeentemuseum gaat. Maar, en nu komt het slechte nieuws, Magda. Jouw versie is naar China verkocht. Chen en Li waren in gezelschap van een vertegenwoordiger van, waar heb ik het kaartje, de Hutchison Whampoa Limited. Zij hebben het aangekocht voor een bedrag met zes nullen.
- Dan hebben ze een koopje, acht nullen komt meer in de buurt.
- We hebben wel mooi fotomateriaal gemaakt, je kunt het dossier vanzelfsprekend any minute komen inkijken.
- Dat komt later, dank je. Ik leg nu neer want ik moet dringend een taxi bellen. Ik zie nog één manier om het werk voor Nederland te behouden. Snel optreden is gewenst.
- Maar Magda, ik moet je nog iets vertellen. We hadden hier ook Joy Puik over de vloer, die wilde weten…
- Tuut tuut tuut.

Arjen

4 jaren, 6 maanden geleden

Meesterwerk

1,7

In het depot van het Stedelijk

De ruwhouten kist die voorzichtig door twee mannen uit het busje van De Wit Art Handling werd getild en het depot van het Stedelijk Museum in het Westelijk Havengebied werd binnengedragen, was bijna twee bij twee meter groot. Een opvallend knappe, hoog geblondeerde vrouw in een knalrood mantelpakje stapte er stoer voor uit, de hoofdentree door.
Op de patio daar achter kwam een magere jongeman op hen af gesneld.
'Ha, Bart, daar ben je. Ik heb het door vaklui laten inpakken en vervoeren, zoals je ziet. Het heb het voor het transport laten opspannen, maar dat zullen jullie mensen ongetwijfeld over willen doen.'
'Magda, leuk je na al die jaren weer in levende lijve te treffen. Je ziet er goed uit. Hierheen, heren!'

Later, op de kamer van Bart, de transporteurs weer vertrokken, de kist veilig op een tafel in het depot geplaatst, opengeschroefd en bekeken, dit gesprek, opgetekend door de secretaresse van de teamleider depot, die zelf niet aanwezig was.

'Indrukwekkend, ik kan niet anders zeggen. Ik hoop heel erg dat je gelijk hebt. Maar je weet wat we hebben afgesproken door de telefoon, ik herhaal het nog maar even. Vanwege onze vroegere banden wil ik dit gesprek graag aangaan, maar ik zeg er meteen bij dat er bij de top grote twijfels bestaan. Ann tikte eerlijk gezegd met haar vinger tegen haar voorhoofd toen ik je naam liet vallen. Ik heb haar herinnerd aan je vondst van de vroege en onbetwiste schets van de Victory uit de nalatenschap van Charmion von Wiegand. Toen gaf ze mij toestemming je te ontvangen en het werk te laten bekijken door Restauratie. Maar nogmaals: ik beloof niets.'
'Lieve Bart. Je was altijd mijn beste student iconologie. Kijk ook nu weer door de in de geschiedenis ontstane verwarring heen en je zult ontdekken dat ik je geen kist bananen ben komen brengen, maar een keerpunt in de kunstgeschiedenis, een kans uit duizenden voor het nieuwe Stedelijk Museum. Het werk is authentiek, dit is de versie van de Victory Boogie Woogie die volgens de boeken een jaar lang op Mondriaans atelier in New York heeft gestaan terwijl de meester het te druk had met andere zaken, waarna hij helemaal van voren af begon en over de oude een geheel nieuwe versie schilderde. Ik ben je dankbaar dat je me verdedigd hebt, maar ook “Ann” zal dolblij zijn als ze begrijpt wat ik jullie in handen speel. Voorlopig, laat dat ook duidelijk zijn.'
'Zeker, maar je hebt toch ook de uitzending van Pauw en Witteman gezien? Ik bedoel…'
'Dat stel kiftende en kijvende straatvechters? Een jonge onervaren journaliste die denkt een scoop te hebben, en een louche zakenman van wie je nog geen tweedehands auto wilt kopen? Waarom denk je dat die journaliste de door haar gevonden foto zo kort in beeld liet brengen? Omdat anders iedereen had kunnen zien dat niet “haar” of “hun” versie op die foto stond, maar deze! En ik zeg niet: de mijne, want ik bezit dit werk niet, ik ben alleen officieel gevolmachtigde, anders dan die schreeuwlelijk met z'n slechte manieren die je van de buis kent.'
'Hoezo, deze versie? Er is voor ons eerlijk gezegd geen touw aan vast te knopen.'
'Kijk eens naar deze foto's die ik begin dit jaar kreeg opgestuurd van de rechthebbende van het doek. Dat daar is de Chen Jié, de jazz-vriend van Mondriaan die je al van die vage foto van tv kent. Dat jongetje daar is Chen Hui, zijn kleinzoon en huidige eigenaar. Dat schilderij tussen hen in is dit doek. Bekijk ook dit document, waarmee het doek is ingeklaard bij vertrek uit Amerika, en deze waarmee het in China is ingevoerd. Met alle stempels, zegels enz. Ik laat dit bij je achter, zodat je ook hiervan de authenticiteit kunt laten bevestigen.'
'Onderzoeken, Magda, onderzoeken. Laten we niet te hard van stapel lopen.'
'Wat je wilt, Bart. Laat ik er niet omheen draaien. Dit is mijn voorstel. Jullie doen technisch onderzoek naar het schilderij: de verf, het doek, de gaten waar de oorspronkelijke spijkertjes hebben gezeten, etcetera. Laat ook de provenance nog eens grondig uitzoeken, ik geef je ook deze hele map mee. Ik heb het volste vertrouwen dat het doek betrouwbaar is, maar mocht er enige twijfel zijn over de authenticiteit, dan ben ik van harte bereid het weer mee terug te nemen. No hard feelings. Alleen, stel je nu eens voor dat alles klopt, dat er geen reden is om eraan te twijfelen dat dit doek uit 1942 stamt. En kijk dan eens goed naar wat erop staat. Wat Mondriaan hier gemaakt heeft. Het is een absoluut meesterwerk, Bart, het is het hoogtepunt in Mondriaans oeuvre, een werk zo volmaakt dat Mondriaan het uit zijn leven heeft moeten verwijderen om als kunstenaar verder te kunnen. Natuurlijk kon hij zijn kunstwerk niet bij het vuilnisvat zetten, dus schonk hij het aan een onbekende Chinees, van wie hij wist dat hij na zijn tournee zou terugkeren naar het Verre Oosten. Hij liet Chen Jié beloven het werk niet te verkopen, maar in de familie te houden. Aldus geschiedde. Maar volgend jaar is het 70 jaar geleden dat Piet Mondriaan overleed. Dan vervallen de rechten, en dus ook de belofte dat het werk niet verkocht mocht worden. Daarom duikt het nu pas op, en niet toevallig hier, want iedereen weet dat Nederland the place to be is als je juist deze Mondriaan aan de man wilt brengen. En het duikt ook niet toevallig bij mij op, want zelfs in China weten ze inmiddels dat als er iemand is met kennis van zaken over Mondriaans werk uit zijn New-Yorkse periode, ik dat ben.'
'Zeker, zeker, Magda, dat ontken ik ook niet. Maar hoe zit het dan met dat ding dat in De wereld draait door te zien was? Er gaan geruchten dat de gemeente Amsterdam het wil aankopen…'
'Geruchten, praatjes, journalistengeleuter. Moeten we het daarover hebben? Dat ding waar Van Nieuwkerk zo opgewonden over deed is ongeveer half zo groot als dit doek, is je dat opgevallen? Bekijk het anders nog eens op Uitzending gemist. Dat andere doek is een afleidingsmanoeuvre van Chen Hue, de kleinzoon, om deze versie, de enige echte, probleemloos het land in te krijgen zonder dat meteen de hele wereldpers erover valt. Waarom denk je dat je niets van het MoMA of het Centre Pompidou hoort, of desnoods het Gemeentemuseum? Die willen er hun handen niet aan branden! En dat geeft jullie de kans het werk in alle rust te beoordelen, en aan te kopen. Want daar gaat het om. Omdat iedereen denkt dat deze vals is, is het relatief goedkoop aan te schaffen.'
'Ja, maar Magda. Nu ga je te ver. Met ons aankoopbudget… En de bezuinigingen.'
'Daar weten jullie vast wel een mouw aan te passen. Ik weet ook van die onderhandelingen op het Stadhuis. Er wordt al driftig naar geld gezocht, naar ik begreep voor beide versies. Dit stel ik voor: laat het Rijks gerust dat kleine ding kopen en tentoonstellen, dan nemen jullie deze, de echte, het feilloze meesterwerk.'
'Als het dat is, Magda. Botering gelooft dat die andere de enige echte is.
'Zeker, zeker, als het dat is. Maar ik ben daar zo zeker van dat ik bij deze plechtig beloof, en noteert u dat maar, mevrouw,' richtte Magda zich nu op de secretaresse, 'dan schenk ik het Stedelijk mijn Charmion von Wiegand-schets. Eerste en beste versie van de Victory Boogie Woogie. Moet je zien wat er daarna met de bezoekersaantallen gebeurt! Dan heeft Mike Kelley met z'n 200.000 bewonderaars het nakijken, Bart. Dan zit jij hier niet nog jaren als junior-assistent of hoe ze je functie ook hebben gedoopt. Dan verlaat jij dit depot en schuift door naar, waar wil je heen? Of liever je leven lang hier tussen de tweederangs werken uit de aankopen van Beeren en Fuchs blijven zitten? Maar ik moet je dit nog zeggen, beste Bart: de tijd dringt. Die Chinezen kunnen hier niet eeuwig blijven, en er bemoeien zich steeds meer partijen tegenaan…'
'Ja, ja,' zei Bart, en hij trok aan zijn linkeroorlel, net als vroeger tijdens hun gesprekken in het kader van zijn promotieonderzoek naar Johan Thorn Prikker. 'Ik begin te begrijpen wat je bedoelt. Anns twijfels over je motieven zijn niet terecht. Maar hier staat meer op het spel dan jouw goede naam en mijn carrière, Magda. Dit is waarom wij dit allemaal doen,' en hij gebaarde vaag als om het depot en zijn medewerkers te omvatten. 'Het gaat om het voortbestaan van, van, van die ene gouden greep, van het hoogst haalbare, van…'
'Van de metafysische waarde van het leven op aarde, het overleven van de ziel in een steeds dodere wereld, mogelijk gemaakt door de Kunst,' citeerde Magda zijn proefschrift, en de tranen biggelden over haar wangen. Want Bart had gelijk. Het gaat om het overleven van de ziel, niet alleen die van Mondriaan of de moderne tijd, maar ook die van haar, Magda Vlekveld, een klein schakeltje in Gods Grote Plan met deze wereld.

Arjen

4 jaren, 6 maanden geleden

Vervalsing

1,6

De voltooide VBW

Ik geloof niet dat ik zelfmoord zou hebben gepleegd. Het was mooi dat Gottfried en de Chinezen me redden, maar zonder hen was ik de crisis ook wel doorgekomen. Al was het maar omdat ik oude anti-conceptiepillen had geslikt in plaats van slaapdragees. Die trof ik vanmorgen tot mijn verbazing allemaal nog aan in mijn medicijnkastje. Ik werd fysiek nogal labiel van die hormonen en zo, mijn lichaam protesteerde, verder niets.
Maar ik wel iets geleerd van deze episode. De strijd is nog niet gestreden. Die malle kopie waarmee Chen zijn vrouwtje en de vaderlandse pers om de tuin leidde: prachtige afleidingsmanoeuvre. De echte VBW ligt hier bij mij in huis, uitgerold en ingepakt in zuurvrij papier, op mijn werktafel waar niemand hem verwacht. Zoveel vertrouwen had goddelijke Godfried dan weer wel in mij, zeker na dat eerste nachtje thuis hier met z'n tweeen. Zo onaantrekkelijk ben ik nu ook weer niet. En hij is nog steeds een beest. Maar fysiek voel ik me als herboren.
De strategie is duidelijk: laat iedereen maar denken dat dat andere onding de echte is, dan kan ik intussen in alle stilte de sponsoren zoeken om dit meesterwerk aan te kopen en te behouden voor ons Amsterdam. Het Stedelijk én het Rijks komen ervoor in aanmerking. Maar het gaat mij niet om het geld. Ik geloof, nu ik zo dagelijks in de nabijheid ben van de versie van VWB uit begin 1943, dat ik een belangrijk inzicht op het spoor ben. Ik voel het zich al achter de horizon van mijn bewustzijn bewegen. Het is of Mondriaan zelf naar mij op weg is om mij iets duidelijk te maken wat nog niemand eerder had gezien.
Die schets uit '42 uit het bezit van Charmion von Wiegland die ik ontdekt heb, die laat het eerste idee zien, de eerste flits van verlichting bij Mondriaan. De versie in het Gemeentemuseum dateert van februari 1944 , vlak voor Mondriaans dood, en is een laatste vingerwijzing naar wat hem ooit voor ogen stond, maar in een laatste moment van zwakte en wanhoop bewust en doelgericht onvoltooid gemaakt door Mondriaan in de drie dagen voor zijn overlijden dat hij nog aan het doek werkte.
De versie uit '43 daarentegen is wel voltooid, af, rond, in zich gesloten, de hele wereld verzwelgend en na een wonderlijke metamorfose weer uitspuwend, teruggevend aan ons, de beschouwers. Ik begrijp wel waarom Mondriaan het doek weg gaf aan zomaar een Chinese jazzmuzikant. Zoals hij zelf zei was hij niet geïnteresseerd in schilderijen maken, maar in het doen van ontdekkingen. Hier valt niets nieuws meer te ontdekken, in deze tweede versie. Hier is alles al ontdekt en definitief vorm gegeven.
De derde, laatste versie maakte Mondriaan om de ondraaglijke volmaaktheid van deze tweede versie te ontwrichten, het hoofd te bieden, te wissen, om weer overnieuw te kunnen beginnen, of verder te gaan op een spoor dat hij bij het maken van de tweede versie genegeerd had om eenmaal in zijn leven een schilderij voor eens en altijd te voltooien, foutloos, volmaakt en oneindig spiritueel. Das Geistige in die Kunst: hier is het, voor iedereen zichtbaar. Dat ding in Den Haag kan nauwelijks in de schaduw staan van deze meesterlijke tweede versie.
En die zal ik behouden voor onze stad, Amsterdam. Als geschenk van de stad aan de heropende musea. Misschien kunnen ze het doek om beurten tentoonstellen, om de continuïteit aan te geven tussen de klassieke schilderkunst van het Rijks en de moderne in het Stedelijk.
Ja. Magda Vlekveld, zei ik tegen mijzelf, trek je schouders recht en je V-hals omlaag. Je figuur is nog alleszins pront te noemen. Je hebt nog een taak te vervullen in deze wereld en ieder middel is daartoe toegestaan. Nu geen blunders of broosheid meer. Gooi je vrouwelijkheid in de strijd. Voortaan gaat het om het echte leven.

Arjen

4 jaren, 6 maanden geleden

Liefde en inspiratie

1,0

Daar ruist langs de wolken een lieflijke stem

Ik hoorde een stem door een wolk van doodsangst en pijn. Ik herkende de stem, hij had mijn leven lang al in mij geklonken. Ik poogde me op te richten en bemerkte ontdaan te zijn van alle knellingen waar een vrouwenlichaam in opgesloten zit. Geen bh, geen onderbroekelastiek, geen spijkerbroek. Het was of ik dreef op een snelstromende rivier, maar wat ik hoorde was geen naderende waterval meer, maar de basso continuo die ik altijd onder mijn vrouwelijkheid aanwezig wist. Ik opende mijn ogen.
“Hé Magda, lekker meid van me, ben je d'r weer?”
“God, ben jij het?” zei ik aarzelend.
“Je eerste liefde in hoogsteigen persoon. Die vergeet je nooit, wat? Eén keer van bil, altijd de spil.”
“Waar zijn we?”
“In de hemel, schatje, waar anders.” Hij floot net als vroeger vrolijk tussen zijn voortanden door. “Laat maar rollen, jongens.”
Voor mijn ogen dwarrelden rode en gele vierkantjes omlaag, witte vlakken, grijze, zwarte lijnen, blauwe.
“Dit is 'm nou, Vlekje. De enige echte. Je hoeft niet meer bang te wezen dat je belazerd bent. Hij bestaat heus en die leipe Fei Fei heb de valse.”
“Maar hoe kun jij…”
Ik herkende het doek van de verfomfaaide foto's die Chen me gestuurd had. Ik hoorde aan de andere kant van het heelal een deur openzwaaien.
“Is de patiënte weer wakker?” klonk een hoge vrouwenstem.
“Ja, zuster dikkekont,” donderde Godfried met zijn Russische bariton. “Ze is weer helemaal op en top.”
Maar toen ik als in extase overeind wilde komen uit mijn ziekenhuisbed, ontdekte ik opeens dat de rechter helft van mijn schedel was weggeslagen, en dat de zure geur die zich aan me opdrong van het braaksel kwam dat nu uit mijn mond gulpte over de witte sprei op mijn benen.
“Krijg nou de kankertering,” schreeuwde Gotfried alsof hij nog steeds de ruige kunstenaar was van wie ik zolang idolaat was geweest. “We hebben er godsallejezus alweer een Victory Boogie Woogie bij! Moet je die patronen in d'r kots zien. Dat geel en dat rood! Totaal Mondriaan!”
In een zee van Chinees gesis en gesteun tuimelde ik achterover de tunnel van mijn eigen zweet in.
Zeg me dat dit nooit is gebeurd.

Arjen

4 jaren, 6 maanden geleden

Improvisatie

1,5

Uit het dagboek van Magda Vlekveld

24 april 13

Ik ben een domme gans. Ik ben een dikke nul. Ik zou het wel even regelen. Ik had de juiste contacten. Ik kon dit allemaal alleen aan. En toen dat echt niet meer ging had ik het juiste advocatenkantoor dat het allemaal voor mij zou organiseren. En voor ik het wist maakte ik mijzelf onsterfelijk belachelijk voor het oog van de wereld.
De dag na die krankzinnige toestand op de Elefteria en de kade - 'psst, vrouwtje, ik heb iets wat jij heel graag wilt zien,' siste de zwerver, en hij knoopte zijn gulp open - zit ik nog altijd verdoofd voor de televisie met mijn magnetronmaaltijd op de salontafel, eenzaam weer als altijd, onnozel weer als altijd, en zap weg van het nieuws over de aanstaande kroning op RTL 4. Ik kom terecht bij De Wereld Draait Door, en daar zit een bont gezelschap opgewonden te oreren over hoe ze aan de derde Victory Boogie Woogie zijn gekomen, en kijk nou, dat Chinese vrouwtje, die Fei Fei, tovert een ruwhouten kistje te voorschijn, en dat zou 'm dan zijn, de enige echte.
Wat een potsierlijke onzin! riep ik woedend. Om te beginnen is het doek veel te klein, nog niet de helft van de VBB in het Gemeentemuseum! Ten tweede ontbreken de zwarte strepen die op de foto's die Chen mailde duidelijk zichtbaar waren. Wat is dit voor belachelijk verhaal? En het journalistje noemt mijn naam om te bewijzen dat dit de enige echte is…
Modder, dacht ik. Het slijk der aarde. En ik ben degene die het over Mondriaans meesterwerk heeft uitgestort. Ik ben de aanstichter van deze wansmakelijke vertoning. Dit is waar blinde ambitie toe leidt. Ik heb mij zand in de ogen laten strooien door onduidelijke documenten en wat vage foto'tjes. Mondriaan had het geduld meer dan een jaar te wachten totdat zijn eerste versie van de VWB zich zo ver van hem had geëmancipeerd dat hij zag waar het schilderij heen wilde. Maar ik meende met alle geweld snel en kordaat te moeten optreden.
Domme kip, mompelde ik. Volmaakt ronde nul. Dat ik voortaan de risee van de kunsthistorische gemeenschap zou zijn kon me al niet meer schelen. Ik had Mondriaans roeping tot het hoge kunstenaarschap te grabbel gegooid en er volksvermaak van laten maken.
En ik werd heel helder. Woordeloos. Stond op. Naar de badkamer. Het medicijnkastje. De strips uit het doosje. Ik plopte de slaappillen een voor een op de wasmachine. Veertien stuks. Geen drama nu. Het glas vol water. De eerste pil was al binnen. In één moeite door ook de tweede, de derde. Ik zag de resterende elf vanaf grote afstand in het holle van mijn hand liggen. En nu allemaal, galmde een stem in mijn hoofd.
Ik zette het glas aan mijn lippen en zou het vonnis voltrekken. Stof zijt gij en tot stof zult gij vergaan. Vergeef me, moeder, ik heb gefaald. Ik hoorde gestommel tussen mijn oren. In mijn hoofd holde een luidruchtige groep mensen rond, sloeg met deuren. Ik legde ze het zwijgen op. De klokken begonnen te luiden.
Is dit wat je wilt, Magda, hoorde ik vaders stem.

Arjen

4 jaren, 7 maanden geleden

Meesterwerk

1,9

De boogiewoogie van het IJ

Daar stond ik, ontdaan, verlamd, en keek in het gapende gat van de geschiedenis. Over de wanden van de grot van mijn innerlijk dwarrelden lichtbeelden uit de voorbije maanden. De brief op vooroorlogs luchtpostpapier vol bizarre tekens en stempels. De vage, verkleurde, deels gescheurde fotoafdrukken. De documenten uit '46 over de uitvoer uit de U.S.A. van een schilderij genaamd 'Vimbooglewoogle' van de hand van wat zich in het slordige handschrift liet lezen als D. Nondrial. Het langzaam rijzende besef: het zal toch niet dé Victory Boogie Woogie zijn, niet een vroege schets, maar de eerste versie in verf, hét voorstadium dat meer dan een jaar tegen de wand van Mondriaans Newyorkse atelier had staan wachten tot de kunstenaar weer de tijd en concentratie kon opbrengen eraan verder te werken?
Ik had altijd geweten dat hij eind '43 aan een nieuw doek was begonnen in plaats van het oude voor de zoveelste keer over te schilderen. De röntgenfoto's die ze in het Haags Gemeentemuseum van het uiteindelijke werk hadden gemaakt lieten toch duidelijk zien dat Mondriaan veel minder aan het doek had gewerkt dan de overgeleverde bronnen beweerden. Wat een vreemd werk ook, deze eerste versie in verf, die harde rode en gele stroken, en op de polaroids waren zelfs twee zwarte lijnen te ontdekken. Dat weerlegde de theorie van prof. Joop Joosten van de Catalogue Raisonné dat de Victory uit de titel niet op de aanstaande overwinning van de geallieerden tegen nazi-Duitsland sloeg, maar op Mondriaans eigen overwinning op de zwarte lijnen die zijn werk in de jaren '30 hadden overwoekerd. Het werk van begin '43 was nog helemaal niet in de wervelende overwinningsstemming die het uiteindelijke werk oproept en uitstraalt.
Met de provenance in handen wist ik wat mij te doen stond: deze authentieke Mondriaan redden voor Nederland, en er dan - durfde ik het mijzelf al toegeven? - het definitieve boek over schrijven voordat er weer zo’n postmoderne zot als Wannus Botering een theoretisch sausje over meende te moeten uitgieten. Om over het commerciële circus maar te zwijgen…
En toen het verlossende telefoontje, het schip dat eindelijk de haven in voer. De ontmoeting met het Chinese echtpaar dat nu voor mij grommend en sissend met elkaar staat te bakeleien over waar de kist is gebleven, neem ik aan. Hun verhaal zat al zo vol tegenstrijdigheden: eerst was er een ruwhouten kist, later een van noten- of zelfs kersenhout. Eindigde hier het spoor? Maar dat het werk bestond, dat wist ik zeker. De foto's en documenten bewezen het.
Naast me klinkt nu ook het klaterend geklets van die hysterische journaliste, Joie de Vivre of wat was het ook weer. Vers van de School voor Journalistiek in Utrecht: een typisch product van de daar heersende zesjescultuur. Kon ze niet voor één keer haar brutale mond houden en nadenken? Snapte ze nog niet wat er op het spel stond, het onnozele mens?
'Ik weet hoe ik dit moet aanpakken,' mompelde Joris, dat wil zeggen advocaat Schillinckxs van het gerenommeerde kantoor Schillinckxs en Schillinks aan de Herengracht te Amsterdam. 'Kom mee.'
Ik liet me door de nauwe gang en de glibberige trap terug naar het dek voeren. Maar in het zonlicht en met de frisse wind over mijn wangen, pakte ik de reling, ademde diep en zei: 'Doe jij wat je doen moet, ik wil hier buiten blijven.'
Ik liep over de kade weg van het schip met zijn barre bewoners, langs het IJ-water dat blikkerde als een boogiewoogie zo vrolijk. Uit de eerste geverfde versie van het schilderij sprak al Mondriaans twijfel en aarzeling en wanhoop en bodemloze vertwijfeling. Was het nu voor de tweede keer achter de horizon van de geschiedenis verdwenen? Wat stond ik hier dan te doen? Waarop was mijn leven gegrondvest? Hoe zuiver was ik in mijn motieven? De VBW is geen vrijblijvend studieobject, geen leuk stukje design met de kleurtjes van plastic meisjesringen. Het is de meest genadeloze boorgang door de ziel van de westerse mens uit heel die meedogenloze twintigste-eeuwse kunst, waar ik godbetert mijn brood mee poog te verdienen. De VBW is een ziel in duigen, de mijne, die van ons allemaal. O dood, waar is uw prikkel?
'Psst, vrouwtje,' klonk het naast me. Ik keek op. Een zwerver, een beduimelde scharrelaar stak zijn duim naar me op. Een penetrante zweetlucht walmde me uit zijn kleren tegemoet.
'Ik denk dat ik iets heb waar jij heel vrolijk van wordt,' zei hij.
Ik zag ons tweeën als van een hoogte staan op de verlaten kade.
'Kom mee naar mijn loods. Maar snel, voor we die andere hotemetoten achter ons aan krijgen.'

Arjen

4 jaren, 7 maanden geleden

Plastic meisjesringen

1,9

Made in China

Een van de dingen waarmee ik me vroeger absoluut niet mocht vertonen, was het plastic meisjesringetje. Op de lagere school hadden al mijn klasgenotes er minstens een. Met een lieveheersbeestje, dat wij kapoentje noemden, een dolfijntje, een geëmailleerd bloemetje, een vlindertje of een trosje kersen. Soms waren ze van zilver, maar meestal van buigzaam staal of plastic. De ringetjes sloten niet volledig, ze bogen mee met de kleine-meisjesvingers. Ze braken ook makkelijk, maar dat gaf niet, de meisjes uit mijn klas hadden er vaak meer dan een. Ze haalden ze uit van die plastic ballen met speelgoed of snoep erin, die ze van hun ouders uit de automaat mochten trekken. In de kantine van het zwembad had je zo’n automaat en ook bij de ingang van de drogist prijkte er een naast een plastic paard waar je vijftig cent in moest gooien, waarop het dier traag rondjes begon te draaien. Op zo’n ritje hoefde ik niet te rekenen, dat was ordinaire onzin, vonden mijn ouders. Net als ajourkousen (van die witte met gaatjes), zwarte lakschoenen (zoals Stefanie Slijkhuis ze had), knopjes in mijn oren en barbiepoppen.
Voor de buitenwereld leek het misschien of ik niks mocht, maar niets is minder waar. Al op jonge leeftijd kon ik het complete oeuvre voor kinderen van An Rutgers van der Loeff, een botaniseertrommel en een microscoop tot mijn bezittingen rekenen. Daarnaast gingen we niet alleen met Hemelvaart dauwtrappen, nee, zodra het eerder licht werd stonden we vroeg op voor een verkwikkende wandeling (maar laat naar bed gaan mocht weer bijna nooit). Verder bezocht ik ieder weekend met mijn ouders een museum (uit de Nederlandse Museumgids) en minstens drie keer per jaar een Natuurvriendenhuis.
Al jong voelde ik dat ik anders was dan de anderen. ‘Hee Vetvlek,’ riepen ze me vanaf halverwege de lagere school toe, een naam die aan me bleef kleven, ook toen ik in Apeldoorn naar het gym ging. Mijn kleren waren altijd onberispelijk schoon, dat was het niet, maar mijn moeder had een voorkeur voor onopvallende kleuren. In de jaren zeventig met zijn paars, oranje en bruin, was ik de vale vetvlek.
Ik schikte mij vrij makkelijk in mijn lot. Achteraf zijn mijn klasgenoten allemaal als kleurloze wezens in hun Veluwse bungalows geëindigd, misschien dat ik dat toen al voorvoelde. De pauzes bracht ik in mijn eentje door. Eindeloos hinkelspelletjes doen op de vierkante tegels of het raster tussen de tegels natrekkend met een stokje. Het gaf mij rust en bracht me misschien wel mijn voorliefde voor abstract geometrische kunst.
Een keer kreeg ik in de grote pauze van een vriendinnetje zo’n ringetje toegeworpen: ‘Hier vetvlek, heb ik dubbel,’ riep ze. Het was een plastic ringetje met een roze bloemetje met een geel hartje. ‘Made in China’ stond er aan de binnenkant. Ik wist niet goed wat ik ermee aan moest, wist blijkbaar instinctief dat er iets niet in de haak was met dit object. Na schooltijd vond mijn moeder het ringetje in mijn broodtrommel. Met opgetrokken wenkbrauwen keek ze naar het ding dat tussen de kruimels lag. ‘Weet je wel door wie en onder welke omstandigheden dat gemaakt wordt?’ vroeg ze.
Angstig keek ik naar het ringetje dat ze met een afkeurende blik uit het trommeltje viste. Had ik het maar in mijn laatje op school gelaten.
‘Chinese kinderhandjes,’ zei ze.
Direct zag ik een lange rij donkere kopjes voor me, daaronder een rij kleine ongeringde werkhandjes, die voor blonde meisjes als ik ringetjes in transparante plastic ballen moesten stoppen.
Tijdens het avondeten verklikte mijn moeder het voorval aan mijn vader. Hij greep het aan om college te geven over de mensenrechtenschending in China, over Mao en de heropvoedingskampen. Van de Grote Sprong Voorwaarts die slechts hongersnood had opgeleverd, tot de industriële revolutie die nu op gang aan het komen was. ‘Ze zijn niet wat ze lijken,’ zei hij een paar keer. Zijn woorden bleken profetisch. China kan inmiddels een communistische handelsnatie genoemd worden, een contradictio in terminis. De dubbele moraal viert er hoogtij.
De laatste jaren zie ik ook in de beeldende kunst steeds meer curatoren en critici naar China lonken. De Chinese moderne kunst kan mij niet bekoren, te weinig ‘Geist’. Ze zijn er blijven steken in het ambachtelijke, gecombineerd met pop-artachtige ideeën, en daarnaast heb je nog de shock art van wat door het regime geteisterde zielen.
Maar goed, mijn moeder, middenin de keuken, zon viel door het raam, op haar, op het Chinese ringetje, dat ze tussen duim en wijsvinger hield.
‘Welnu, Magda. Wat gaan we ermee doen?’ vroeg ze.
‘Ik wil dat u het weggooit, moeder,’ zei ik.
‘Heel goed, mijn kind.’ De trap op het pedaal van de vuilnisemmer, het deksel wat openvloog. Mijn ringetje, bovenop de aardappelschillen.
Wat betreft die meisjesringen hebben mijn ouders niet kunnen raden dat het allemaal nog veel erger zou worden. Dat je nu winkels hebt met enkel en alleen oorbellen, armbanden en haarspelden. Dat we in een wegwerpmaatschappij leven. Dat er bijna niets meer is wat niet ‘Made in China’ voor weinig geld te verkrijgen is, dat er van de soberheid die Mondriaan en zijn tijdgenoten nastreefden maar bar weinig terecht kwam.

Sanneke van...

4 jaren, 7 maanden geleden

Meesterwerk

1,5

Alweer een VBW?

We waren nog maar net bekomen van de verbazing waarin mijn gewaardeerde collega Magda Vlekveld de kunstwereld stortte met haar aankondiging van de vondst van een nog onbekende, vroege variant van ons nationale erfgoed, Piet Mondriaans Victory Boogie Woogie. Nu bericht ze ons (Opiniepagina, 8 april jl) dat er zowaar een derde versie is opgedoken op een in de Amsterdamse haven aangemeerde en inmiddels aan de ketting gelegde boot. En ditmaal zou het niet gaan om een schetsmatige en nog nauwelijks als zodanig herkenbare versie van Mondriaans meesterwerk, zoals de eerdere versie die mevr. Vlekveld aantrof op de vliering van de woning waar ooit een vriendin van de schilder woonde in Livingston, New Jersey. Nee, ditmaal is er sprake van een in wezen voltooid schilderij dat misschien wel beter geslaagd kan worden geacht dan het werk dat in het Haags Gemeentemuseum te bewonderen valt.
Een verlate aprilgrap? Een kopie? Een vervalsing? Zegt u het maar. Zolang de politie weigert experts op het schip toe te laten om het werk nader te bestuderen, blijft het gissen. Dat weerhield Vlekveld er niet van er alvast melding van te maken, alsof ze het werk nu al wil claimen – geheel volgens de logica van het neoliberale wetenschapsmanagement. Zoveel kunnen we wel zeggen: sinds de kunstwereld heeft toegestaan dat het onbeduidende kliederwerk dat door MV als voorstadium van de Victory Boogie Woogie werd gepresenteerd op De Wereld Draait Door, als belangrijk werk is erkend, lijkt het hek van de dam. Elke gelukszoeker en avontuurlijke kunsthistoricus kan opeens mirakels ontdekken.
Ik voorspel dat er de komende jaren nog vele VBW’s zullen opduiken, in navolging van het vervalste oeuvre van Modigliani waar Vlekveld het lef heeft naar te verwijzen. Ik zie het al voor me. Binnenkort zal Magda Vlekveld ongetwijfeld een cursus bij de Volksuniversiteit aanbieden: Zelf je eigen VBW maken. Jawel, zo ver heeft het verval doorgezet van wat ooit een wetenschap en een meesterwerk was en nu, als alles wat naar superzaken ruikt, een speelval van derderangs kletsers en prutsers is geworden. Bah!

Prof. dr. A.W. Botering, Leiden

(Uit: Het Parool, Ingezonden Brieven, 10 april 2013)

Arjen

4 jaren, 7 maanden geleden

Meesterwerk

1,8

Een derde Victory Boogie Woogie?

Magda Vlekveld
Een derde Victory Boogie Woogie?

Drie maanden geleden maakte ik het nieuws wereldkundig dat ik op een zolder in New Jersey een vroege versie had ontdekt van Piet Mondriaans Victory Boogie Woogie. Het betreft een ruitvormig doek waarop Mondriaan in krijt en scotch tape een opzet en eerste invulling heeft gemaakt van wat zich zou ontwikkelen tot zijn grote laatste meesterwerk, dat nu te zien is in het Gemeentemuseum in Den Haag. Dat deze versie bestond wisten we uit de dagboeken en een schets van de hand van Charmion von Wiegand (1896-1983), Mondriaans goede vriendin en vertrouwelinge uit de tijd dat hij juist in New York was aangekomen.
Het wonderlijke aan de reeds bekende schets was dat daarop het schilderij omgekeerd stond afgebeeld: de rode en gele banen in het midden waren van plaats verwisseld vergeleken met de beschrijving die Von Wiegand ervan gaf in haar dagboek. De veronderstelling was lange tijd dat haar schets (die ze na een bezoek aan Mondriaans atelier thuis uit het hoofd maakte) later per ongeluk op z'n kop was gezet en ondertekend. Dit nu blijkt niet het geval te zijn geweest.
In de door mij ontdekte versie in de opslag van een achternicht van Charmion von Wiegand staan de lijnen precies zoals zij ze weergaf. Ze moet, vermoedelijk op 13 juni 1941, het werk van Mondriaan hebben meegekregen, in ruil voor het betere linnen en spieraam waarop het thans bekende werk is vervaardigd. Het linnen van de eerste versie is vrij grauw en rafelig. Om redenen van kiesheid heeft ze hier altijd over gezwegen, ook in het bekende interview dat ze in 1971 aan Margit Rowell gaf bij de Centennial Exhibition in het Guggenheim Museum.
Mijn ontdekking baarde wereldwijd opzien, maar werd al snel algemeen geaccepteerd als een belangrijke voorstudie van de hand van onze grootste schilder van de 20ste eeuw. Alleen bij enkele collega's hier te lande bleef scepsis bestaan over de echtheid van het werk (al heb ik de provenance onweerlegbaar tot 1941 herleid). Nu evenwel bereikt ons het bericht dat er een derde versie van de Victory Boogie Woogie zou zijn opgedoken op een boot in de Amsterdamse haven.
Zolang wij het werk niet grondig bestudeerd hebben, kunnen we natuurlijk niets zeggen over de echtheid ervan. Toch is het, anders dan ik 'experts' nogal voorbarig hoorde verkondigen, zeker niet uitgesloten dat zo'n versie zou kunnen bestaan. Het is immers bekend dat Mondriaan tussen de eerste fase waarin hij aan het doek werkte in 1941-1942 en de tweede fase vanaf oktober 1943, het schilderij lange tijd op zijn atelier heeft gehad zonder dat iemand het meer heeft gezien. Dat hij er niet verder aan werkte valt deels te verklaren door andere verplichtingen, deels omdat hij niet tevreden was met het behaalde resultaat en naar middelen zocht om het nog uit egale kleurstroken samengestelde werk meer dynamiek te geven.
De versie uit de tweede, derde en vierde fase (na januari 1944) verschilden zo sterk dat bezoekers zich afvroegen of Mondriaan niet een geheel nieuw werk had gemaakt. De schilder zelf ontkende dat met zijn befaamde uitspraak dat hij niet geïnteresseerd was in schilderijen, maar ontdekkingen wilde doen. Het doek van eind 1943 had voltooid geleken toen Charmion von Wiegland het in Mondriaans atelier bekeek, maar dat van januari 1944 was compleet anders.
Ik beweer niet dat we hier volgens mij met een authentiek werk van Mondriaan te maken hebben. Ik zeg alleen dat niet op voorhand kan worden uitgesloten dat het echt zou kunnen zijn. Ik schrijf dit artikel op persoonlijke titel, alleen om de discussie over dit nieuwe werk open te houden in plaats van meteen met modder te gaan gooien. De huidige, Chinese eigenaar ervan heeft naar verluidt al zoveel informatie verstrekt aan de autoriteiten dat we van een vrij betrouwbare provenance kunnen spreken.
Anderzijds is de mogelijkheid van bedrog nooit uit te sluiten. Maar er zijn vreemd genoeg opvallend weinig valse Mondriaans bekend, zeker als je het vergelijkt met het werk van bijvoorbeeld Modigliani, wiens huidige oeuvre voor minstens 50% uit vervalsingen bestaat. Daarom zeg ik: laten we open minded blijven en afwachten wat de toekomst nog zal brengen. We beleven spannende tijden, zoveel is zeker.

(Uit: Het Parool, Opiniepagina, 5 april 2013)

Magda Vlekveld is kunsthistorica die internationaal als de grote specialist van het werk van de late Mondriaan geldt.

Arjen

4 jaren, 7 maanden geleden