Dit was een gezamenlijk schrijfspel. Lees het resulterende verhaal hieronder.

Getuigenverklaring van de heer Roy U. Kodsbreuk, taxichauffeur

Proza door gera_p – 5 jaren, 6 maanden geleden

Beschrijft u ze eens, ja, ja, beschrijft u ze eens.
Hij, nonchalant in overall, zogenaamd ongeïnteresseerd in kleding, maar let op. Die verfspatten op zijn overall waren vakkundig gesitueerd. Heeft ‘ie voor de spiegel eerst staan oefenen. Zijn heel wat overhemden aan opgeofferd, hoor. Daar besteedt zo’n artistiek verver meer tijd aan dan aan de stippen op zijn doek. Heeft er wel eens een mij verklapt. Alles voor de vrouwtjes, hè.
Ja, en zo’n dametje. Dat is nou net weer andersom. Lijkt heel wat in zo’n mantelpakje, met een paar vrijdagavondfolder-pumpjes van de Bristol, maar wil nog wel eens een onderbroekje van drie dagen oud eronder verstoppen. Gaat er flink wat nep-Chanel Numero Cinq overheen; alsof ik dat niet ruik in mijn bekleding. Vliegt ‘s avonds de hond met zijn kwijlebek er ook nog eens in en kan ik dubbel soppen.

En deze twee… Je voelt gelijk al dat HIJ wat van plan is. ‘t Begint al bij het instappen. Als zij al zit en hij komt ernaast zitten, negen van de tien keer dat zij dan haar knieën tegen elkaar drukt en hij de benen wijd spert. Nou dan weet ik genoeg. En niet een beetje wijd, maar alsof hij de pliee op de balletschool nog aan het oefenen is. Moet ik me inhouden om geen tutu’s en spitzen te projecteren op zo’n WTC-kostuum.
Over die mannen gesproken. Wijdbeens wil met een overall nog wel lukken, maar soms krijg ik van die zakenmannetjes in een strakke krijtstreep en dan liggen linker- en rechterpijp opeens in een echtscheiding en kijk ik pardoes in… Vult u maar in. Ik zie het liefst zoveel mogelijk stof. Anders negeer ik mijn achteruitkijkspiegel en dan heb ik in no time een scooter met falafal tussen de verwarmingslijnen in het vensterglas. Of erger: een achteropsnellende levensmiddelenschuiver van dertig ton. Ja, man.
Kijk, dames mogen van mij wel wat meer bloot.

Dit stel van vandaag. Leek leuk te beginnen. Hij hield zijn pliee bescheiden, haar knie raakte de zijne soms. Ook zo leuk, bij bedeesde koppeltjes. Wil zij wat. Durft ze niet. Komt er een bocht aan, denkt zo’n meissie dat ze haar knie wel even mee kan laten hangen, zogenaamd onopvallend zijn kant op. Maar dan trek ik net de andere kant in. Laat ik die hoofdjes effe botsen. Want je moet ze ook een beetje helpen met contact, hè.

Nou die twee. Dat was wel lachen. Hij presteerde het om in de auto, op de achterbank in kniehouding, half gedraaid voor haar te gaan zitten. Zal geen enkele fysio je adviseren. Is een regelrechte prelude voor een hernia. Beetje sneu begin van het huwelijkse geluk. Enfin. Hij frummelde wat in zijn zak. Aanzoek. Hij meende het echt. Ik vermoedde het al. Wil ik ook nog wel eens een bochie meepakken. Een teruggevonden ringetje levert al gauw een maaltje McDonalds voor die happers thuis op.
Maar zo’n kunstenaar heeft meestal niet veel soeps op zak. Te gierig. Deze maakte het wel heel bont. Een stem als een nieuwslezer en voilà: komt er zo’n plastic peuterringetje van de Action tevoorschijn. Vier voor zestig cent. Dan vraag ik jou: wie zijn die andere drie dames? Krijg ik die ook nog op de achterbank? Ik zeg geen nee! Business voor alles. Zeker in deze tijd.

Hij dus op zijn knieën. Zij alsof ze net een kroon had ingeslikt. Ik help ze een beetje. Had gehoord van Mondriaan en boogie woogie dus ik zet een passend muziekje op. Zij trekt met haar mondhoeken en hij mompelt wat. Ik ving iets op over “hete sex” en “hippiewippie”. Dus ik zet de muziek iets zachter en m’n recordertje aan. Voor m’n dochter, weet je wel.
Luister, ik heb het hier:
“Oh, Fridus, dit is wat Mondriaan wilde…De macht ligt bij de mensen… in hun relaties met elkaar”.
En dan die vent, terwijl hij dat ringetje uit het plastic peutert:
“Ja, ja, Maggie, onze relatie! Ik wil je binden, ik wil jou binden. Aan mij. Aan mijn kunst… Binden aan het leven. Samen voor de kunst…”

Ik zou nog liever ja zeggen tegen een weekendje ballonvaren met m’n incontinente tante Miep van 98, maar zij trok er een gelukzalige glimlach bij; kat in het bakkie, dacht ik nog.
Hij op dreef, Jack van Gelder in zijn 5e versnelling, zeg maar:
“Laten we samen de victorie kraaien, Maggie! Jij en ik: wij zijn één. Eén mens….als Da Vinci’s Vitruviusman. Vervolmaakt met Mondriaan’s Boogie Woogie. Zijn Boogie Woogie, als venster op onze wereld. Een uniek kunstwerk, Magda. Mijn kunst aan de wereld. Mijn revival. Ons product. Magda, zeg JA tegen de kunst…”.
Zoooo’n smile op z’n gezicht. Ring tussen duim en wijsvinger. Vol verwachting keek hij haar aan.
Ik snapte er de ballen van, maar het was niet helemaal wat mevrouw van haar haar ‘Sex And The City’-moment had verwacht, geloof ik.

Ze zuchtte en ik dacht eerst dat ze een probleempje met haar kaak had. Weet je wel, dat er iets inschiet en dat je dan een paar keer in de tandarts-spreidstand moet. Maar toen schoot ze me toch uit.
“Ja? Ja? Wat nou: wij?… Godverdomme, Godfried! Jij – wilt – alleen – dat – SCHILDERIJ!”
Die kaken weer uit elkaar en dat voorhoofd naar zijn neus. En toen zachtjes:
“Dat krijg je niet. Nee, Fridus, dat krijg je niet..”.

Ach, joh, ik zag het gebeuren. Ze krenkte zó zijn mannenhart. Als een bulldozer over een surprise-ei, daar bleef niets van over. Ik zie het nog voor me. Maar dan kan ìk ook niets meer. Bij wat klein verdriet wil ik nog wel eens over een dood vogeltje heen rijden. Zorgt voor wat afleiding. Stop ik geschrokken. Grietje in tranen, mannetje troosten. Wil het nog wel eens omdraaien. Is de hele misère snel vergeten, maar dit? Nee.

En dat grijpt mij dan ook aan, hè. Ik ben ook niet van steen, dus ik schiet bijna met m’n nieuwe Michelinrubbertjes tegen de betonnen opsluitband van het benenwagenbordes. Dat was flink schakelen en sturen om m’n velgjes bij de les te houden. En bij het optrekken porde die Godfried per ongeluk met zijn vinger in haar boezem en toen was het helemaal bal. Mijn god. Wat een teringherrie. Ik heb die boogie woogie nog harder gezet, maar zij blafte er als een Mastino Napoletano doorheen.
“Dit schilderij verdient bescherming, Godfried! Jij: JIJDENKTALLEENAANJEZELF! Ik breng het kunstwerk naar de plek die Mondriaan voor ogen had, naar de puurste plek van de wereld.”
Hij terugschreeuwen dat zij zelf een humorloze sherrygleuf met kapsones was. Volgens mij kreeg ‘ie nog een rechtse ook. Overgang speelt denk ik ook een beetje mee. Doet rare dingen met vrouwen, hoor.

Dus toen heb ik gebeld. Ik heb al eens eerder een gedesillusioneerde bruidegom in m’n taxi gehad. Geloof me. Dan heb ik liever m’n nichtjes dwergpony met snelwegvrees en net geslagen hoefijzertjes op de achterbank.

Als u wilt heb ik dat plastic ringetje hier nog ergens, want dat smeet ‘ie door de auto.