Dit was een gezamenlijk schrijfspel. Lees het resulterende verhaal hieronder.

Onderwerp: Meesterwerk

Magda Vlekveld

Personage: Magda Vlekveld

In het depot van het Stedelijk

Proza door Arjen – 6 jaren, 1 maand geleden

De ruwhouten kist die voorzichtig door twee mannen uit het busje van De Wit Art Handling werd getild en het depot van het Stedelijk Museum in het Westelijk Havengebied werd binnengedragen, was bijna twee bij twee meter groot. Een opvallend knappe, hoog geblondeerde vrouw in een knalrood mantelpakje stapte er stoer voor uit, de hoofdentree door.
Op de patio daar achter kwam een magere jongeman op hen af gesneld.
‘Ha, Bart, daar ben je. Ik heb het door vaklui laten inpakken en vervoeren, zoals je ziet. Het heb het voor het transport laten opspannen, maar dat zullen jullie mensen ongetwijfeld over willen doen.’
‘Magda, leuk je na al die jaren weer in levende lijve te treffen. Je ziet er goed uit. Hierheen, heren!’

Later, op de kamer van Bart, de transporteurs weer vertrokken, de kist veilig op een tafel in het depot geplaatst, opengeschroefd en bekeken, dit gesprek, opgetekend door de secretaresse van de teamleider depot, die zelf niet aanwezig was.

Indrukwekkend, ik kan niet anders zeggen. Ik hoop heel erg dat je gelijk hebt. Maar je weet wat we hebben afgesproken door de telefoon, ik herhaal het nog maar even. Vanwege onze vroegere banden wil ik dit gesprek graag aangaan, maar ik zeg er meteen bij dat er bij de top grote twijfels bestaan. Ann tikte eerlijk gezegd met haar vinger tegen haar voorhoofd toen ik je naam liet vallen. Ik heb haar herinnerd aan je vondst van de vroege en onbetwiste schets van de Victory uit de nalatenschap van Charmion von Wiegand. Toen gaf ze mij toestemming je te ontvangen en het werk te laten bekijken door Restauratie. Maar nogmaals: ik beloof niets.’
‘Lieve Bart. Je was altijd mijn beste student iconologie. Kijk ook nu weer door de in de geschiedenis ontstane verwarring heen en je zult ontdekken dat ik je geen kist bananen ben komen brengen, maar een keerpunt in de kunstgeschiedenis, een kans uit duizenden voor het nieuwe Stedelijk Museum. Het werk is authentiek, dit is de versie van de Victory Boogie Woogie die volgens de boeken een jaar lang op Mondriaans atelier in New York heeft gestaan terwijl de meester het te druk had met andere zaken, waarna hij helemaal van voren af begon en over de oude een geheel nieuwe versie schilderde. Ik ben je dankbaar dat je me verdedigd hebt, maar ook “Ann” zal dolblij zijn als ze begrijpt wat ik jullie in handen speel. Voorlopig, laat dat ook duidelijk zijn.’
‘Zeker, maar je hebt toch ook de uitzending van Pauw en Witteman gezien? Ik bedoel…’
‘Dat stel kiftende en kijvende straatvechters? Een jonge onervaren journaliste die denkt een scoop te hebben, en een louche zakenman van wie je nog geen tweedehands auto wilt kopen? Waarom denk je dat die journaliste de door haar gevonden foto zo kort in beeld liet brengen? Omdat anders iedereen had kunnen zien dat niet “haar” of “hun” versie op die foto stond, maar deze! En ik zeg niet: de mijne, want ik bezit dit werk niet, ik ben alleen officieel gevolmachtigde, anders dan die schreeuwlelijk met z’n slechte manieren die je van de buis kent.’
‘Hoezo, deze versie? Er is voor ons eerlijk gezegd geen touw aan vast te knopen.’
‘Kijk eens naar deze foto’s die ik begin dit jaar kreeg opgestuurd van de rechthebbende van het doek. Dat daar is de Chen Jié, de jazz-vriend van Mondriaan die je al van die vage foto van tv kent. Dat jongetje daar is Chen Hui, zijn kleinzoon en huidige eigenaar. Dat schilderij tussen hen in is dit doek. Bekijk ook dit document, waarmee het doek is ingeklaard bij vertrek uit Amerika, en deze waarmee het in China is ingevoerd. Met alle stempels, zegels enz. Ik laat dit bij je achter, zodat je ook hiervan de authenticiteit kunt laten bevestigen.’
‘Onderzoeken, Magda, onderzoeken. Laten we niet te hard van stapel lopen.’
‘Wat je wilt, Bart. Laat ik er niet omheen draaien. Dit is mijn voorstel. Jullie doen technisch onderzoek naar het schilderij: de verf, het doek, de gaten waar de oorspronkelijke spijkertjes hebben gezeten, etcetera. Laat ook de provenance nog eens grondig uitzoeken, ik geef je ook deze hele map mee. Ik heb het volste vertrouwen dat het doek betrouwbaar is, maar mocht er enige twijfel zijn over de authenticiteit, dan ben ik van harte bereid het weer mee terug te nemen. No hard feelings. Alleen, stel je nu eens voor dat alles klopt, dat er geen reden is om eraan te twijfelen dat dit doek uit 1942 stamt. En kijk dan eens goed naar wat erop staat. Wat Mondriaan hier gemaakt heeft. Het is een absoluut meesterwerk, Bart, het is het hoogtepunt in Mondriaans oeuvre, een werk zo volmaakt dat Mondriaan het uit zijn leven heeft moeten verwijderen om als kunstenaar verder te kunnen. Natuurlijk kon hij zijn kunstwerk niet bij het vuilnisvat zetten, dus schonk hij het aan een onbekende Chinees, van wie hij wist dat hij na zijn tournee zou terugkeren naar het Verre Oosten. Hij liet Chen Jié beloven het werk niet te verkopen, maar in de familie te houden. Aldus geschiedde. Maar volgend jaar is het 70 jaar geleden dat Piet Mondriaan overleed. Dan vervallen de rechten, en dus ook de belofte dat het werk niet verkocht mocht worden. Daarom duikt het nu pas op, en niet toevallig hier, want iedereen weet dat Nederland the place to be is als je juist deze Mondriaan aan de man wilt brengen. En het duikt ook niet toevallig bij mij op, want zelfs in China weten ze inmiddels dat als er iemand is met kennis van zaken over Mondriaans werk uit zijn New-Yorkse periode, ik dat ben.’
‘Zeker, zeker, Magda, dat ontken ik ook niet. Maar hoe zit het dan met dat ding dat in De wereld draait door te zien was? Er gaan geruchten dat de gemeente Amsterdam het wil aankopen…’
‘Geruchten, praatjes, journalistengeleuter. Moeten we het daarover hebben? Dat ding waar Van Nieuwkerk zo opgewonden over deed is ongeveer half zo groot als dit doek, is je dat opgevallen? Bekijk het anders nog eens op Uitzending gemist. Dat andere doek is een afleidingsmanoeuvre van Chen Hue, de kleinzoon, om deze versie, de enige echte, probleemloos het land in te krijgen zonder dat meteen de hele wereldpers erover valt. Waarom denk je dat je niets van het MoMA of het Centre Pompidou hoort, of desnoods het Gemeentemuseum? Die willen er hun handen niet aan branden! En dat geeft jullie de kans het werk in alle rust te beoordelen, en aan te kopen. Want daar gaat het om. Omdat iedereen denkt dat deze vals is, is het relatief goedkoop aan te schaffen.’
‘Ja, maar Magda. Nu ga je te ver. Met ons aankoopbudget… En de bezuinigingen.’
‘Daar weten jullie vast wel een mouw aan te passen. Ik weet ook van die onderhandelingen op het Stadhuis. Er wordt al driftig naar geld gezocht, naar ik begreep voor beide versies. Dit stel ik voor: laat het Rijks gerust dat kleine ding kopen en tentoonstellen, dan nemen jullie deze, de echte, het feilloze meesterwerk.’
‘Als het dat is, Magda. Botering gelooft dat die andere de enige echte is.
‘Zeker, zeker, als het dat is. Maar ik ben daar zo zeker van dat ik bij deze plechtig beloof, en noteert u dat maar, mevrouw,’ richtte Magda zich nu op de secretaresse, ‘dan schenk ik het Stedelijk mijn Charmion von Wiegand-schets. Eerste en beste versie van de Victory Boogie Woogie. Moet je zien wat er daarna met de bezoekersaantallen gebeurt! Dan heeft Mike Kelley met z’n 200.000 bewonderaars het nakijken, Bart. Dan zit jij hier niet nog jaren als junior-assistent of hoe ze je functie ook hebben gedoopt. Dan verlaat jij dit depot en schuift door naar, waar wil je heen? Of liever je leven lang hier tussen de tweederangs werken uit de aankopen van Beeren en Fuchs blijven zitten? Maar ik moet je dit nog zeggen, beste Bart: de tijd dringt. Die Chinezen kunnen hier niet eeuwig blijven, en er bemoeien zich steeds meer partijen tegenaan…’
‘Ja, ja,’ zei Bart, en hij trok aan zijn linkeroorlel, net als vroeger tijdens hun gesprekken in het kader van zijn promotieonderzoek naar Johan Thorn Prikker. ‘Ik begin te begrijpen wat je bedoelt. Anns twijfels over je motieven zijn niet terecht. Maar hier staat meer op het spel dan jouw goede naam en mijn carrière, Magda. Dit is waarom wij dit allemaal doen,’ en hij gebaarde vaag als om het depot en zijn medewerkers te omvatten. ‘Het gaat om het voortbestaan van, van, van die ene gouden greep, van het hoogst haalbare, van…’
‘Van de metafysische waarde van het leven op aarde, het overleven van de ziel in een steeds dodere wereld, mogelijk gemaakt door de Kunst,’ citeerde Magda zijn proefschrift, en de tranen biggelden over haar wangen. Want Bart had gelijk. Het gaat om het overleven van de ziel, niet alleen die van Mondriaan of de moderne tijd, maar ook die van haar, Magda Vlekveld, een klein schakeltje in Gods Grote Plan met deze wereld.