Dit was een gezamenlijk schrijfspel. Lees het resulterende verhaal hieronder.

Brief aan Jeroen Dijsselbloem

Proza door Ton Vogels – 6 jaren, 5 maanden geleden

Hongkong, 13 mei 2013

Geachte heer Dijsselbloem, beste Jeroen,

Ongetwijfeld heeft u het nieuws gehoord over de mogelijk nieuwe versies van Mondriaans Victory Boogie Woogie. Zoals u weet, was ik namens De Nederlandse Bank destijds betrokken bij de aankoop van het werk dat nu in het Gemeentemuseum hangt. Een aankoop die tot de nodige politieke en maatschappelijke ophef leidde. Toch heb ik nooit spijt gehad van die beslissing: u weet dat alles uiteindelijk draait om waarde, niet om prijs.
Ik schrijf u om een bijzondere gedachtegang te delen. Voordat ik alles uiteenzet, vraag ik u echter om een gunst: lees deze brief tot het einde. Stop niet na mijn advies, zelfs als u er zeker van bent u het nooit uit zult voeren. Goed, laat ik dan nu in heldere bewoordingen ter zake komen.

Verkoop de Victory Boogie Woogie.

Dit advies vraagt om een onderbouwing. De eerste reden is eenvoudig en onomkeerbaar: dreigende devaluatie. Op het moment dat de andere versies inderdaad origineel blijken te zijn, is de Victory Boogie Woogie niet langer uniek. Ik hoef de minister van financiën geen rekensom te laten zien om uit te leggen wat dat betekent. En ik hoef u ook niet te vertellen dat mogelijke devaluatie een onaanvaardbaar risico is voor de Nederlandse Staat op dit moment.
Risico’s veranderen in kansen, dat is de kern van ons vak. We verkondigen dat niet meer in het openbaar, maar u begrijpt wat ik bedoel. Bij de aankoop in 1997 was de overweging van minister Zalm: cultuur (van de gulden) verdwijnt, we kopen cultuur terug. Minister Zalm kende de kracht van de oneliner. Het is een gedachte die in de nieuwe tijdsgeest echter volstrekt onacceptabel is. Vraagt u zich eens af welke groep in Den Haag groter is: bezoekers aan het Gemeentemuseum of demonstranten tegen nieuwe bezuinigen? Kunst is ontspanning, geen levensbehoefte. Is ontspanning echt 40 miljoen waard?

Sinds eind 2012 ben ik commissaris bij de Bank of China. Een verademing, kan ik u zeggen. Bankiers zijn hier geen noodzakelijk kwaad, maar genieten nog aanzien. U staat aan het begin van een veelbelovende carrière, maar ik kan u een afsluiting hier aanbevelen, ook financieel. Het toeval wil dat de bank sinds januari een kunstfonds in het leven heeft geroepen. Een fonds waar de Victory Boogie Woogie met zijn symbolische waarde van vrijheid en vooruitgang uitstekend in zou passen.
Voordat ik verderga, u vraagt zich wellicht af of dit schilderij een obsessie voor me is. Eerst haalde ik het naar Nederland, nu misschien naar China. Ik kan u geruststellen: van een obsessie is geen sprake. Stiekem heb ik zelfs veel sympathie voor de mensen die vergelijkingen maken tussen moderne kunst en peutertekeningen. Kunst is voor mij ongrijpbaar. Dat wil overigens niet zeggen dat ik de waarde ervan onderschat. In China zijn de Europese meesters een teken van welvaart en verfijnde smaak. Daarom hangt in mijn kantoor in Hongkong zelfs een tekening van Picasso. Hooguit vijftien seconden werk dat decennia overleeft. Het tegenovergestelde van politiek.
Mijn medecommissarissen waren unaniem enthousiast over dit bijzondere werk van Mondriaan. Ik vind het niet passend om in deze brief over geld te praten, toch kan ik u garanderen dat een mogelijke onderhandeling als resultaat heeft dat u geen verlies hoeft te nemen op het werk. Denkt u bovendien aan de impuls die een eventuele verkoop van dit stukje nationale identiteit geeft aan de handelsbetrekkingen tussen Nederland en China.

Emotie bepaalt de prijs van kunst. Ik wil absoluut geen druk uitoefenen, toch is het raadzaam om op mijn advies snel een besluit te laten volgen. Bovendien denk ik dat u er goed aan doet om het parlement hierover nog niet te informeren. Natuurlijk weet ik dat dit zwijgen juist de fout is die men ons later heeft verweten. U moet echter begrijpen dat ook media-aandacht een devaluerende werking heeft. Door een mogelijke verkoop suggereert u immers dat de gevonden versies originelen zijn. Dat is wel het laatste wat u wilt.

Volgende week ben ik terug in Nederland. Treft het u om verder te praten over dit bijzondere project? Ik hoor het graag van u.

Met vriendschappelijke groet,

A.H.E.M.(Nout) Wellink