Dit was een gezamenlijk schrijfspel. Lees het resulterende verhaal hieronder.

Onderwerp: De kist

Joy Puik

Personage: Joy Puik

Eerste reportage

Proza door Han van der Vegt – 5 jaren, 8 maanden geleden

Joy Puik
to: Samantha Borger
date: 28 March 2013 21.45
subject: Scoop

Shit Sammie, ik heb gotnomdevoetschimmel niet eens de tijd meer om je te mailen. Ik wilde eens rustig met Mingus eten om hem uit te leggen wat mama Joy tegenwoordig allemaal uitvreet, maar ik kreeg drie telefoontjes achter elkaar. Elk van een half uur. Tenslotte was mijn eten koud en zat hij te huilen boven zijn lege bordje, het wurm. Nu ligt hij in bed, hij mag nog even een boekje lezen. En ik zit op de bank, laptop op schoot, kouwe zompige wentelteefjes te knagen.
Waar was ik gebleven? Een tolk. Op internet moest je eerst overal je naam invullen en een aanvraag formuleren, en dan maar afwachten. En ik had haast! Ik heb een paar van die bureaus gebeld. Of ze namen niet op, of ze hadden geen tijd. En ik merkte dat ik helemaal geen zin in die lui had. Ik dacht ineens aan die meid achter de toonbank bij onze Chinees. Die is goedgebekt, die kent Mandarijn. Daar kan ik tenminste mee opschieten.
Ik sprong in de auto. Na een kwartier had ik de baas met zijn vervaarlijke babi pangang-mes uitgelegd wat ik wilde. Hij het meisje bellen. Ze wilde wel wat bijverdienen. Terwijl zij naar me toe kwam, belde ik AS3, of ze een cameraman konden sturen. Was het belangrijk? Ja, heel belangrijk. Hoe moet ik nou weten wat belangrijk is? Ik begin net!
Toen Li Yi en ik bij de Papierweg aankwamen stond de cameraman al sfeerbeelden te schieten. Van de foute boot, dat wel, maar de bedoeling was goed. Een jonge jongen, Herman, hij was vorige week net begonnen, dus hij had nauwelijks meer ervaring dan ik. De loopplank lag dit keer uit, dus we gingen met z’n drieën aan boord. Chen, zo heet onze Chinees, had zijn baard afgeschoren, met een bot mes, want hij had zich nogal opengehaald. Hij had een wit overhemd aangetrokken waarvan de boord onder het bloed zat. Herman leende hem zijn jasje om het wat te bedekken. We deden een kort interview. Li Yi was geweldig, ze wist hem helemaal op zijn gemak te stellen. Hij werd rustig en bijna helder. Hij beweert dat hij een versie van die Victory Boogie Woogie heeft, dat schilderij van Mondriaan waar een paar maanden geleden zo veel gedonder om was. Hij haalde inderdaad een schilderij uit een oude kist dat er veel van weg had ook. Maar hij wist niet hoe hij het vast moest houden, want het hoort op zijn punt te staan, niet op een kant. Ik heb het nog even nagekeken.
Daarna naar de studio, waar we een item in elkaar geflanst hebben voor de uitzending van 6 uur. Twee minuten, hop, klaar.
De uitzending was nog niet begonnen of we kregen al van alle kanten telefoon. Het NOS-journaal, of ze de beelden mochten gebruiken. Kranten, met vragen om meer achtergrond. Net, bij de wentelteefjes, kreeg ik die Magda Vlekveld aan de telefoon. Dat is die grauwe dame met dat pruimenbekkie die de tweede versie van de Victory Boogie Woogie heeft ontdekt. Ze was toen de hele tijd in het nieuws. Die begint me toch te tieren! Ik had hele delicate onderhandelingen doorkruist. Zij was bezig om het schilderij voor Nederland te ‘verwerven’ ( ze bleef maar bezig over dat ‘verwerven’, dat is toch gewoon kopen?) en nu had ik de prijs opgedreven met mijn onnozele reportage. Ik vroeg haar of ik haar mocht interviewen. Toen draaide ze bij. Zul je altijd zien.
Ik heb werkelijk geen idee of die Chen een fantast of een vervalser is. Of dat dat schilderij dat hij bij zich heeft echt van Mondriaan is. Die Vlekveld zal er toch niet voor niets zo op gedoken zijn?
Nou, het is in elk geval spannend, mijn nieuwe baan. En voorlopig willen ze me wel houden daar.
Kom nou toch eens terug! We missen je, Mingus en ik.
Joy